Meeus, Joseph Marie Antoine (Jozef) Leon
Geboren te Dordrecht op 16 mei 1873 als zoon van fabrikant Adolphe Joseph Pierre Hubert Meeus (Antwerpen 25 oktober 1834-Arnhem 25 mei 1894) en Eugenia Francisca Bertha Hendrichs (Amsterdam 10 juli 1838-Dordrecht 12 januari 1876). Hij huwde op 15 mei 1902 te Rotterdam met Johanna Maria Catharina Cornelia (Jo) van der Lugt (Rotterdam 14 maart 1880-Brussel 6 april 1944), dochter van een Rotterdamse fabrikant. Vanwege de zwakke gezondheid van Van der Lugt kwamen er geen kinderen. Meeus startte in 1894 samen met Hamers in Oisterwijk de sigarenfirma ‘Hamers en Meeus’. De firma ging na zijn huwelijk verder onder de naam ‘Hamers en Co’, compagnon van Hamers werd Paul Wurfbain. Meeus verhuisde na zijn huwelijk van Hilligersberg naar Den Haag (Laan van N.O. Indië 9). Meeus was lid van de raad van beheer van de Schiedamse NV Kettingfabriek én directeur van de Dordse Suikerfabriek. Na de verkoop van de fabriek woonde het echtpaar in verschillende eerste klas hotels. Op 12 maart 1915 vertrok het echtpaar naar Davos (Villa Kaiser), vervolgens leefden ze in hotels in o.a. Beieren (Traunstein 1922), Bulgarije en Parijs. In 1923 kwamen ze uit Zwitserland terug naar Nederland (Apeldoorn) om in november 1929 weer naar Zwitserland terug te keren. Uiteindelijk vestigden ze zich (op zijn laatst begin 1939) in Brussel. Het waren vrome katholieken, die er een bijzondere gewoonte op na houden. Als ze even tijd over hadden, besteedden ze die aan het bidden van rozenhoedjes. In een zakboekje werd de stand van de gebeden rozenhoedjes bijgehouden en achterstanden genoteerd. Ze werden zo spoedig mogelijk ingelopen. Meeus overleed te Brussel op 5 december 1948. De uitvaart was op 8 december in de kerk van het Heilige Kruis (Ixelles Brussel). Hij werd begraven op de begraafplaats te Ivère (Evere?). |