Matthijsen, Sabine

Sabina Matthijsen 1903 Gastenboek De Buissche Heide

Geboren als Sabina (geboorteakte) te Helmond op 28 juli 1891 als dochter (en enig kind) van Vlisco-directeur Cornelis Mathijssen (Helmond 16 december 1858-Loenen aan de Vecht 30 juni 1931) en Cornelia Maria (Nel) Roland Holst (Amsterdam 25 augustus 1863), een schoonzus van de bekende socialiste en dichteres HenriŽtte Roland Holst-van der Schalk. Sabine was van oorsprong Nederlands-Hervormd. Ze woonde in 1909 te Hilversum en in oktober 1910 in Amsterdam. In maart 1912 verbleef ze weer in Helmond. Ze huwde aldaar op 1 augustus 1912 met de Helmondse fabrikant en ingenieur Egbert Paul Haverkamp Begemann (Helmond 2 september 1879-? 1961), weduwnaar van Louise Cornelia de Balbian Verster (Oisterwijk 21 oktober 1881-Berkeley 16 juni 1906, dochter van A.H. de Balbian Verster). Haverkamp Begemann had twee dochters uit zijn eerste huwelijk en kreeg met Sabine nog vier dochters. Hij en Sabine’s vader waren de belangrijkste financiŽle ondersteuners van het in 1909 gestarte revolutionaire weekblad De Tribune en in 1919 medeoprichters van de Bond van Revolutionnair Socialistische Intellectueelen. Sabine ondertekende in 1912 het door de SDAP gesteunde Schorer-petitionnement, dat zich richtte tegen een wet die homoseksuele contacten met personen onder de 21 jaar strafbaar stelde, terwijl heteroseksuele contacten met personen ouder dan 16 jaar niet strafbaar gesteld werden. Sabine’s ouders waren lid van de SDAP en later van de CPH. De progressieve bedrijfsvoering door echtgenoot Paul van de Begemann-machinefabriek wekte de bewondering van zowel Henriette Roland Holst als de communist Henk Sneevliet. Kort na de Russische Oktoberrevolutie verklaarde echtgenoot Paul dat hij geen kapitalistische fabrikant meer wilde zijn. Hij vertrok uit Helmond en werd directeur van een coŲperatieve ijzerhandel in Rotterdam. In Rotterdam werd op 13 februari 1922 het huwelijk tussen Sabina en Paul ontbonden. Zes jaar later emigreerde Paul met een andere vrouw naar de Sovjet-Unie, waar hij belandde in de Koezbass-kolonie in SiberiŽ. Na haar scheiding met Haverkamp Begemann huwde Sabine op 10 augustus 1922 te St. Martin in het graafschap Londen met muziekleraar Gerrit Gerritsen (Oosterbeek 26 januari 1875), met wie ze nog een dochter zou krijgen. Sabine was met haar dochters al op 24 juli 1922 vanuit Rotterdam naar Oisterwijk (B261) verhuisd. Ze leefde daar als een echte dame, met een dienstbode die ook kookte. Van 1923 tot 1928 was ze eigenaresse van het pand De Lind 28. Van 1 tot 3 augustus 1924 verbleven Gerrit, Sabine en hun baby Hanneke (Oisterwijk 27 maart 1924-Tilburg 13 november 1998) in het buitenhuis Angorahoeve van Rik en Henriette Roland Holst-van der Schalk op het landgoed De Buissche heide bij Zundert. Op de Angorahoeve verbleven bekende gasten van de Roland Holsten zoals Herman Gorter, Arthur van Schendel, Johan Huizinga, Top Naeff, Charley Toorop en Berlage. Rik en Henriette woonden er meestal van mei tot december. De andere maanden woonden ze in Bloemendaal. In 1927 staan Sabine en Gerrit prominent onder een manifest dat oproept tot dienstweigering, samen met Dedje Kunst, de dochter van de Oisterwijkse dominee Kunst. Het huwelijk met Gerritsen liep stuk en Sabine kreeg een relatie met een andere man, in 1934 vertrok ze uit Oisterwijk, het huwelijk werd op 12 februari 1935 door de Bredase rechtbank ontbonden. Sabine vertrok naar Amersfoort. Dochter Hanneke Gerritsen bleef bij haar vader wonen.

Literatuur: J.H. Verhage, Katholieken, kerk en wereld: Roermond en Helmond in de lange negentiende eeuw (Hilversum 2003).