Grootvelt, Ger(e)brand van

Jurist, kocht via zijn schoonzoon J.B. Verheijen, kasteel Durendaal op 19 april 1774 van Pieter Bouwens, maar woonde voornamelijk in Hoorn. De administratie van Durendaal liet hij verrichten door pastoor Joannes van der Bruggen. Hij deed al via de kranten in 1775 en 1776 pogingen Durendaal 'bestaand in een schoone voor weinig Jaaren gebouwde, moderne Heeren Huyzinge' te verkopen. Hij verkocht Durendaal en de jacht- en visrechten te Heukelom in 1777 aan Van Tengnagell. Hij was gehuwd met Anna Hoeck, met wie hij tenminste een dochter kreeg: Maria Cornelia (Hoorn 1 februari 1750), zij huwde met Johannes Baptista Verheijen (1746-1814), rentmeester van de prins van Salm-Salm en heer van Loon op Zand, schout van Loon op Zand en één van de politieke activisten in de Bataafs-Franse tijd voor de rechten van Noord-Brabant. Maria Cornelia van Grootvelt overleed op 6 april 1774 op het kasteel van Loon op Zand.

Literatuur: G.H.J. Nouwens, 'Durendael', Het Brabants Kasteel 9 (1987) 33-78; 's-Hertogenbossche Courant, 18 juli 1775.